woonhuis aan de brand.
traag veranderend als het landschap
Een woonplek als verlengde van natuurgebied De Brand, waar de eeuwenoude, intrinsieke relatie tussen woning en landschap sterk voelbaar is.
Het natuurlijke landschap zal door een meerjarenplan van verbouwen, in- en uitbreiden geleidelijk aan steeds meer het architectonische karakter gaan bepalen van de woning.
Het ontwerp zal enerzijds de natuurbeleving versterken, anderzijds zal het de diversiteit aan ecologische condities op dit kavel verrijken voor plant- en diersoorten van De Brand. Daarbij vormen plek-eigen, natuurlijke en biobased materialen de basis voor zowel het verduurzamen als het vernieuwen van de woning.
Met veel liefde en aandacht voor deze plek schetsten architecten Jeroen Thijssen en Joyce Verstijnen een plan waarbij nieuwe woonruimtes een plek in de tuin krijgen. In dit ontwerp kadert een enkellaagse uitbreiding een kleine patiotuin met een atmosfeer van nabijheid en intimiteit. De andere zijde biedt uitzicht op de smalle, diepe tuin en een vergezicht op de bosrand van het natuurgebied. Achterin zal de tuin voorzien worden van een atelier dat ondergeschikt zal zijn aan zijn natuurlijke setting, oplossend in het landschap. De aangrenzende ‘steeg’ verbindt de woning rechtstreeks met dit achterliggende moerasbosgebied.
traag ontwerpen en bouwen.
De uit 1932 daterende woning is gemaakt van steen en hout: ontstaan en jarenlang behouden vanuit een boereneenvoud en soberheid. Ongeïsoleerd en zonder technisch vernuft, maar wel gebouwd met eerlijke, bestendige materialen die rechtstreeks uit de natuur zijn vervaardigd en op eenvoudige wijze verwerkt. Afgezien van enkele toevoegingen en veranderingen in het verleden is het alsof de tijd maar traag voortschrijdt op deze plek.
Het verbouwen en het verder-bouwen berusten zich op eenzelfde traagheid en eenvoud door stap voor stap te veranderen. Ook het ontwerp zelf ontvouwt zich steeds verder en soms ook anders dan aanvankelijk gedacht, doordat het zich continu aanpast aan de nieuw ontstane situatie. Ontwerpen en bouwen zijn wederkerig; met aandacht voor het versterken van de aanwezige relatie met het landschap en het meebewegen met de natuur. Een dialoog tussen verleden, heden en toekomst. Tussen wat was en is, wat kan worden of wat juist gelaten moet worden.
herscheppen met plek-eigen materialen.
De eerste, en reeds gerealiseerde verandering betreft de verbouwing van het hoofdvolume van de woning. De aanwezige materialen die na bijna 100 jaar inmiddels ingebed zijn in de omgeving, zijn zoveel mogelijk behouden. De nieuw toegevoegde materialen zijn vanuit ecologisch perspectief grotendeels plek-eigen: indien het huis ooit wordt afgebroken zullen deze materialen geen schade aanrichten aan de ecosystemen van De Brand.
Er is gekozen voor een dampopen, natuurlijk regulerende (ver)bouwmethode. Door de materialisering in baksteen, hout en stro blijft de woning op natuurlijke wijze ‘ademen’. Om het huis te isoleren zijn geperste stroplaten met een kalkmortel aan de binnenzijde van de gevels gehecht en is het dak met cellulose ingeblazen.
Voor een bestendige indeling met ruimtelijke kwaliteit is op de verdieping een badkamer gerealiseerd met dubbele hoogte en is een houten trap teruggebracht naar zijn oorspronkelijke positie, gebruikmakend van de bestaande fundering. Twee nieuwe gevelopeningen in de achtergevel kaderen het zicht naar buiten. De houten taatsdeur op de begane grond biedt eveneens toegang tot de tuin, en daarmee de toekomstige patio.
Het toepassen van nieuwe materialen is beperkt door zoveel mogelijk uit de woning te hergebruiken. Zo hebben de oude binnendeuren een nieuwe plek gekregen. Het grenen balkenplafond is bloot gelegd en is op plekken met bestaande balken hersteld. De verwijderde planken uit de nieuwe badkamer zijn gebruikt om aangetaste plafondplanken op de verdieping te vervangen. Het tekort aan planken werd aangevuld met hergebruikte planken uit een oude basisschool.
vorm geven aan de toekomst.
Deze eerste stap heeft ruimte gegeven aan ingetogen ontwerp-oplossingen die passend zijn bij de woning. Toekomstige uitbreidingen zullen in materialisering en bouwmethodiek hierop aansluiten, maar met een grotere ontwerp-vrijheid om plekken daadwerkelijk vanuit landschappelijke en ecologische structuren vorm te kunnen geven met een eigen, unieke beleving en atmosfeer.
Om stap voor stap de juiste ontwerpkeuzes voor de toekomst te kunnen maken, is echter een begrip van het ontstane landschap cruciaal. Van oudsher is er tenslotte een sterke afhankelijkheid tussen de bewoonde percelen en De Brand.
het ontstane landschap.
Na de laatste ijstijd ontwikkelde zich hier een laagveenmoeras; een komvormige laagte tussen dekzandruggen die de afwatering ervan blokkeerden. Het veen werd vanaf het jaar twaalfhonderd op kleinschalige wijze langs smalle stroken afgegraven. Er ontstonden akkers, hooilanden en hakhoutbosjes op rabatten.
De strokenverkaveling is nog steeds zichtbaar, maar de meeste percelen zijn inmiddels teruggegeven aan de natuur om de biodiversiteit te herstellen. Daarnaast speelt het waterrijke beekdallandschap een cruciale rol voor de waterberging in de regio om verdroging van de bodem tegen te gaan.
Door het ontstane landschap heeft De Brand een waterafhankelijke natuur ontwikkeld. De droge tot vochtige alluviale bossen, rietmoerassen, graslanden en akkers met sloten zijn het leefgebied gaan vormen voor veel karakteristieke soorten als de boomkikker, middelste bonte specht en kleine ijsvogelvlinder. De flora kenmerkt zich onder andere door de zwarte els, braamstruiken, varens, bosanemoon en de zachte berk die een breed scala aan paddenstoelen ondersteunt die goed gedijen op de vochtige, lemige grond.
strokenverkaveling.
De landschapsstructuur van lange, smalle percelen met op de kop ervan bewoning is nog steeds duidelijk herkenbaar. Het kenmerkt ook het kavel van Woonhuis aan De Brand.
In het ontwerp wordt dit karakter versterkt door de woning en de tuin in de diepte vorm te geven als een aaneenschakeling van ruimtes. Bebouwd en onbebouwd wisselen zich af langs een lange lijn waardoor verschillende plekken, atmosferen en abiotische condities elkaar opvolgen. De lange zicht- en verbindingsassen rijgen alle ruimtes, binnen én buiten, aaneen.
In plaats van een harde scheiding tussen architectuur en landschap ontstaan er geleidelijkere overgangen. Dit maakt een diversiteit aan microklimaten op het kavel mogelijk (wind-luwte, zonnig-schaduwrijk, droog-nat, verhard-onverhard) die ten gunste komen aan plant- en diersoorten van De Brand. Het is een proefondervindelijke studie om op die manier hun leefgebied uit te breiden en te verweven met plekken die wij als mensen innemen.
twee architecten: twee persoonlijke zoektochten samengebracht.
Verstijnen is continu zoekende naar hoe we onze leefomgeving zo kunnen vormen dat ze het natuurlijke evenwicht van ecosystemen en eeuwenoude landschappelijke structuren niet verstoren, maar behouden of verrijken. Ogenschijnlijk onschuldige aanpassingen kunnen immers van grote ecologische impact zijn op trage natuurprocessen.
Woonhuis aan de Brand probeert zich te schikken naar het landschap en de natuurlijke symbioses die daarin afspelen, in plaats van andersom. Daar hoort ook een ander tijdsbesef bij; de natuur gedijt simpelweg beter bij trage veranderingen omdat het haar in staat stelt mee te bewegen en aan te passen. Vanuit die overtuiging is hier geen plek voor de drang om te vernieuwen als doel op zich. Het levert een ontwerp op zonder eindpunt, zonder een moment waarop deze plek ‘definitief af’ zal zijn.
Voor Thijssen is de woning als een maatwerk meubel waar vorm, maatvoering, tactiliteit en waardevaste materialen zorgvuldig zijn afgestemd op het gebruik en de beleving. Het is een zoektocht om ruimte een specifieke vorm te geven, op ieder detail kloppend en doordacht, zodat voor de bewoner voelbaar is dat de ruimte met grote zorg voor hem is ontworpen. Op die manier zal de woonplek langdurig gekoesterd worden. De vormentaal van het ontwerp wordt tot de essentie teruggebracht, gevangen met een eerlijk gebruik van materialen en een krachtige ruimtelijke kwaliteit. Alles met het oog op een unieke woonbeleving waar binnen- en buitenruimtes je verheffen.
Voor Thijssen en Verstijnen blijft Woonhuis aan De Brand een voortdurend ontwerp- en (ver)bouwproject waar zij hun eigen fascinaties als architect onderzoeken en uitdiepen. En waar ze een betekenisvolle woonplek vormgeven die hen als bewoners verbindt met het unieke landschap.